**Verdoving als deugd?

** Religie, afgoderij en het structureel falen van de samenleving

1. Waarom de mens religie of afgoderij nodig heeft

 

De mens verdraagt geen leegte zonder kader.
Niet omdat hij zwak is, maar omdat hij leeft in een wereld die fundamenteel onzeker, eindig en ongelijk is.

Religie — of breder: afgoderij — biedt drie functies:

  • zin waar geen zin te vinden is,

  • orde waar willekeur heerst,

  • ontlasting van morele en existentiële verantwoordelijkheid.

Afgoderij ontstaat zodra iets menselijks — een god, een markt, een wet, een leider, een idee — wordt verheven tot iets onaantastbaars.

Dat is geen vergissing, maar een psychologische noodzaak in omstandigheden van structurele druk.

De mens zoekt geen waarheid, maar houdbaarheid.

Waar het leven draaglijk is, blijft religie vaak symbolisch, ritueel, persoonlijk.
Waar het leven ondraaglijk wordt, verhardt religie — of ideologie — tot verdoving.

Dat onderscheid is cruciaal.

 

 

2. Religie als noodoplossing is geen deugd, maar politieke hypocrisie

 

Wanneer een samenleving religie nodig heeft om te blijven functioneren, is dat geen teken van morele diepgang, maar van politiek falen.

Dan gebeurt dit:

  1. Het systeem produceert structureel lijden.

  2. Dat lijden wordt niet opgelost, maar eigen gemaakt.

  3. Religie (of ideologie) vangt de psychische schade op.

  4. Het systeem blijft intact.

Religie fungeert dan als schokdemper: ze verzacht de gevolgen, maar verhindert de confrontatie met de oorzaken.

Wie dat vervolgens prijst als “zingeving”, bedrijft hypocrisie.
Men investeert niet in rechtvaardigheid, maar in verdraagzaamheid voor onrecht.

De boodschap luidt impliciet:

“Het is niet de samenleving die moet veranderen,
maar jij die moet leren verdragen.”

Dat is geen spiritualiteit. Dat is beheer van schade.

 

 

3. Doortrekking naar de zorg: lijden individualiseren

 

In een goed functionerende zorgcontext is religie een keuze, geen noodzaak.
In een falende zorgcontext wordt ze een laatste opvangnet.

Wat zien we?

  • onderbemande zorginstellingen,

  • uitgeput personeel,

  • patiënten gereduceerd tot dossiers,

  • chronisch zieken die moeten “leren leven met” structurele tekorten.

Daar verschijnt religie of spiritualiteit niet als verrijking, maar als copingmechanisme (denkprocessen bij tegenslag):

“Je moet het een plaats geven.”
“Je moet het aanvaarden.”
“Er is een reden.”

Zorg die niet meer kan zorgen, schuift zingeving naar voren.
Dat is geen holistische visie — dat is schuldverschuiving.

Het probleem is niet dat mensen troost zoeken.
Het probleem is dat troost het alternatief voor zorg wordt.

 

 

4. Doortrekking naar de economie: de markt als afgod

 

Waar religie afneemt, neemt de economie haar plaats in — niet als systeem, maar als geloof.

De Markt:

  • weet beter dan mensen,

  • is neutraal,

  • is onvermijdelijk,

  • kent “geen alternatief”.

Dat is zuivere afgoderij.

Economische structuren die:

  • onzekerheid produceren,

  • arbeid instabiel maken,

  • winst loskoppelen van maatschappelijke waarde,

worden moreel gelegitimeerd door een quasi religieus verhaal van noodzaak en natuurwet.

Wie faalt, faalt persoonlijk.
Wie lijdt, moet zich aanpassen.

De economie belooft geen hemel, maar overleving — mits gehoorzaamheid.
En net als klassieke religie verplaatst ze rechtvaardigheid naar een onbereikbaar punt: later, hoger, elders.

 

 

5. Doortrekking naar justitie: orde zonder rechtvaardigheid

 

Justitie is bij uitstek het domein waar afgoderij het gevaarlijkst wordt.

Wanneer wetten:

  • traag zijn,

  • ontoegankelijk,

  • klassenafhankelijk,

  • structureel selectief,

maar toch worden voorgesteld als objectief en heilig,
wordt recht ritueel, geen werkelijkheid.

Dan hoor je:

  • “de procedure is gevolgd”

  • “de wet is de wet”

  • “het systeem werkt”

Dat zijn geen argumenten. Dat zijn bezweringen.

Justitie die haar falen niet erkent, wordt een afgod:
onaantastbaar, zelfreferentieel, ongevoelig voor menselijk gevolg.

En opnieuw verschijnt religie of moraal als pleister:

  • berouw in plaats van herstel,

  • straf in plaats van recht,

  • gehoorzaamheid in plaats van legitimiteit.

Wie daar vrede mee neemt, gelooft niet in rechtvaardigheid,
maar in orde om de orde.

 

 

Slot: wat hier werkelijk op het spel staat

 

Religie is niet het probleem.
Afgoderij is niet het probleem.
Het probleem is een samenleving die haar eigen structurele geweld niet onder ogen durft te zien.

Daarom heeft ze verdoving nodig.
Daarom heiligt ze wat haar geruststelt.
Daarom noemt ze noodoplossingen “waarden”.

Een samenleving die religie nodig heeft om draaglijk te blijven,
faalt niet moreel — maar structureel.

En zolang dat falen niet benoemd wordt,
blijft verdoving een deugd
en rechtvaardigheid een belofte.

© Grijze Sater — 7 januari 2026.
Redactionele ondersteuning: ChatGPT.